Publicatie Laka-bibliotheek:
Nederlandse interventieniveaus bij kernongevallen

AuteurRIVM, S.Bader
1-01-0-60-37.pdf
Datum2010
Classificatie 1.01.0.60/37 (RAMPENPLANNEN)
Voorkant

Uit de publicatie:

                       Report 610790012/2010
                       S. Bader




RIVM
                       Nederlandse interventie-
Rijksinstituut
voor Volksgezondheid
en Milieu              niveaus bij kernongevallen
Postbus 1
3720 BA Bilthoven
www.rivm.nl
RIVM Rapport 610790012/2010




Nederlandse interventieniveaus bij kernongevallen
Overzicht, achtergronden en aanbevelingen




S. Bader


Contact:
Sam Bader
Laboratorium voor Stralingsonderzoek
Sam.Bader@rivm.nl




Dit onderzoek werd verricht in opdracht van het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke
Ordening en Milieu, Directoraat Generaal Milieu, Directie Risicobeleid in het kader van het project
'Beleidsondersteuning Straling'.




RIVM, Postbus 1, 3720 BA Bilthoven, Tel 030- 274 91 11 www.rivm.nl
         © RIVM 2010
         Delen uit deze publicatie mogen worden overgenomen op voorwaarde van bronvermelding: 'Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu
         (RIVM), de titel van de publicatie en het jaar van uitgave'.




RIVM Rapport 610790012                                                                                                                         2
         Rapport in het kort
         Nederlandse interventieniveaus bij kernongevallen

         Het RIVM beveelt aan de Nederlandse interventieniveaus voor maatregelen na een kernongeval in lijn
         te brengen met die van de omringende landen. Interventieniveaus zijn de stralingsniveaus op basis
         waarvan na een kernongeval maatregelen kunnen worden afgekondigd. Voorbeelden van dit soort
         maatregelen zijn schuilen en evacueren.

         In 2008 heeft het ministerie van VROM een deel van de interventieniveaus aangepast. Dit rapport geeft
         een overzicht van de vigerende interventieniveaus en de onderbouwing achter deze waarden. Het
         RIVM doet daarnaast een aantal aanbevelingen om de interventieniveaus te harmoniseren, en stelt voor
         de naamgeving van enkele maatregelen zo