'Het energiebeleid nader bezien'

13 maart 1989

Minister De Korte In de vroege ochtend van 26 april 1986 was in het (toen nog)Russische plaatsje Tsjenobyl op 2000 km afstand met een flinke klap een einde gekomen aan de plannen om in Nederland minstens twee kerncentrales te bouwen. De regering en ook de politieke partijen schrikken en met verkiezingen voor de deur wordt op 7 mei een motie aangenomen waarin de hele besluitvorming rond nieuwe kerncentrales wordt opgeschort om eerst meer informatie te verzamelen over het ongeval in Tsjernobyl. Er komt een 'herbezinning' op kernenergie.

In een korte nota uit 1989, 'Het energiebeleid nader bezien', maakt minister van Economische Zaken De Korte bekend dat tegen de achtergrond van milieudoelstellingen keuzes voor duurzame bronnen en ook kernenergie niet kunnen worden uitgesloten.
Het aandeel kernenergie is niet op het niveau dat door het kabinet (ondertussen Lubbers-II) wenselijk wordt geacht. Maar hoewel nieuwe kerncentrales niet worden uitgesloten is het onmogelijk om nu een definitief besluit te nemen, omdat alle onderzoeken gedaan in het kader van de 'Herbezinning' nog niet afgerond zijn.

Het kabinet besluit dan ook de beslissing over nieuwe kerncentrales twee jaar uit te stellen. Maar dan moet die beslissing over 2 jaar ook echt genomen worden, zegt De Korte, want de SEP kan dan daar bij de beslissing over nieuw vermogen, rekening mee houden. In de praktijk betekent dit dat er voor 2000 geen kerncentrales meer in bedrijf zullen komen.


Lees hier de nota van De Korte (pdf, 18 bladzijden 3.2MB)