Publication Laka-library:
Startnotitie milieu-effectrapportage
kernenergiecentrale Dodewaaard (1992)
| Author | GKN |
![]() |
1-01-8-13-09.pdf |
| Date | November 1992 |
| Classification | 1.01.8.13/09 (DODEWAARD - LICENSING & LEGAL PROCEDURES) |
| Remarks | Procedure Wijzigingen kernenergiecentrale Dodewaard |
| Front |
From the publication:
Op 5 juli 1968 hebben B&W van de gemeente Dodewaard aan de N.V. Gemeenschappelijke Kernenergiecentrale Nederland (GKN) een vergunning ingevolge de Hinderwet verleend, voor het oprichten, in werking brengen en in werking houden van de kernenergiecentrale Dodewaard. In de laatste weken van 1968 onderging de centrale de Sep-bedrijfsvaardigheidsproef voor levering van elektriciteit aan het landelijke net en sinds- dien is de centrale in bedrijf. De vergunning van 1968 wordt, gelet op art. 85 van de Kernenergiewet (hierna KEW), als een ingevolge deze wet - die per 1 januari 1970 in werking is getreden - verleende vergunning beschouwd. Nadien zijn vele wijzigingsvergunningen verleend, hetgeen uiteindelijk resulteerde in een uitgebreid en daardoor onoverzichtelijk vergunningenbestand. Op verzoek van de vergunningverlenende autoriteiten heeft de N.V. GKN op 18 november 1987 een aanvraag ingediend voor een vergun- ning, die tot hoofddoel had de bestaande vergunningen in één vergunning samen te brengen. Deze vergunning werd op 8 januari 1988 verleend. Op 29 mei 1992 echter werd de betreffende vergunning door de Afdeling voor de geschillen van bestuur van de Raad van State nietig verklaard. Als gevolg van genoemde uitspraak van de Raad van State zijn de vergunningen van 1968 en de nadien gevolgde wijzi- gings- en uitbreidingsvergunningen weer van toepassing. De N. V. GKN heeft op 21 september 1992 een verzoek om een gedoogbeschikking ingediend teneinde de centrale, met inbegrip van een aantal, sinds de inbedrijfstelling geno- men, veiligheidverhogende maatregelen, in bedrijf te kunnen houden. Met de gedoogbeschikking is alsdan een periode te overbruggen waarin nog geen nieuwe vergunning ingevolge de KEW is verleend. Van wezenlijk belang is, dat het optimaal veilig functione- ren van de centrale gewaarborgd blij ft. Daarom leeft de N.V. GKN alle voorschriften uit de vergunning van 8 januari 1988 en de daarop gevolgde aanvullingen strikt na. De N.V. GKN heeft de intentie om een nieuwe aanvraag in te dienen om vergunning op grond van de KEW en de WVO. Als onderdeel van de nieuw aan te vragen vergunning zal een veiligheidsrapport worden opgesteld, waarin een overeen- komstig moderne veiligheidsinzichten geactualiseerde be- schrijving van de gehele installatie gegeven zal worden. Ter ondersteuning van het besluitvormingsproces bij de behandeling van voornoemde aanvraag om vergunning zal tevens een Milieu Effect Rapport opgesteld worden, waarin de door GKN voorgenomen wijzigingen in de installatie beschreven zullen worden.
