Stichting Laka

Publicatie Laka-bibliotheek:
Nederlands energiebeleid in het kielzog van internationale ontwikkelingen. Dertig Jaar Energiebeleid 1995-2025 (2025)

AuteurCENTRE FOR ENERGY POLICY INTERNATIONAL
1-01-0-00-129.pdf
Datumjanuari 2025
Classificatie 1.01.0.00/129 (ALGEMEEN)
Voorkant

Uit de publicatie:

TEN GELEIDE

In het voorwoord van het in 1990 verschenen boek Even Stilstaan bij Vooruitgang,
ter ere van het 25-jarige bestaan van het directoraat generaal Energie (DGE), worden 
zeer toepasselijke en wijze woorden geschreven door Stan Dessens. Deze woorden 
kunnen ook regelrecht op dit werk over de periode 1995-2025 worden toegepast. 
“Even terugblikken op ‘hoe was het ook alweer’ en even vooruit kijken naar ‘waar 
gaan we ongeveer naar toe’. Juist bij energiebeleid speelt de factor tijd een grote 
rol. Energiebeleid is per definitie zorgen voor morgen, zelfs voor overmorgen. Door 
de problemen van vandaag zouden we dat wel eens kunnen vergeten. Toch kan 
energiebeleid niet los worden gezien van de tijdsgeest. Soms dringt zich het beeld 
op van een varende supertanker, waarbij de actie van de roerganger pas kilometers 
verder merkbaar wordt. Nu kan het roer niet plotseling en keer op keer worden 
omgegooid. Het energiebeleid vraagt om een duidelijke koers. Schoksgewijze 
veranderingen veroorzaakt door politiek en calamiteiten, hebben vaak een jarenlange 
nasleep. Dat maakt het energiebeleid niet alleen boeiend maar ook kwetsbaar, want 
achteraf bezien had het altijd beter gekund.”

Een tweede terugblik werd in 2003 geschreven door Jacques de Jong, Ed Weeda,
Theo Westerwoudt en Aad Correljé, en behandelde het energiebeleid in de periode
1973-2003, waarbij het beleid vanaf de oliecrisis vooral gericht was op 
diversificatie en vanaf midden-jaren negentig op liberalisatie. Net als tussen het 
eerste en tweede boek is er ook in dit derde boek een overlap wat betreft de 
besproken periode. In dit werk pakken we de draad op in 1995, het begin van de 
liberalisatieperiode en eindigen we met de grote internationale uitdagingen anno nu.

Dit boek is geschreven op verzoek van DG Klimaat en Energie, en zoals in een 
oriënterend gesprek werd gezegd, mag terugkijken ‘best schuren’. Dit gesprek op 
het ministerie was de inspirerende start van de vele discussies van Aad Correljé, 
Martien Visser, Bert Roukens, Pieter Boot, Noé van Hulst, Pier Stapersma en Coby 
van der Linde aan de hand van uitprobeersels, eerste concepten, lijstjes, eerder 
gepubliceerd werk en reflecties. Van der Linde en Correljé werden vroeg in het 
proces aangewezenals de uiteindelijke penvoerders. Immers drie van deelnemers, 
Roukens, Boot en van Hulst, hadden gewerkt bij DGE en het was belangrijk om 
de nodige afstand te hebben tot de materie en om verantwoordelijkheid te kunnen 
nemen voor ‘het mag best schuren’. Deze drie waren een enorme bron van inzichten 
in allerlei keuzes en afwegingen die horen bij het formuleren van beleid.