Laka’s rechtszaak over kernafvalopslag

Beroep uitbreiding kernafvalopslag Covra (2014-2015)

Laka heeft in 2014 een zienswijze ingediend over de uitbreiding van de opslag van radioactief bij de Covra te Vlissingen. Laka is, onder andere, van mening dat de uitbreiding van de opslag van kernafval onverantwoord is zolang niemand enig idee heeft wat toekomstige generaties aan moeten met de vele tonnen radioactieve zooi die nu voor 130 jaar(!) wordt opgeslagen bij de Covra maar die voor vele duizenden jaren gevaarlijk blijft. De uitbreiding werd door de minister echter gewoon vergund, waarop Laka op 26 februari 2015 in beroep gegaan bij de Raad van State tegen de door het Ministerie van Economische Zaken op 7 januari 2015 verleende vergunning voor de uitbreiding HABOG, wijziging locatie VOG-2 en revisie kernenergiewetvergunning van Covra N.V.

Uitspraak beroepszaak

Op 11 november 2015 heeft de Raad van State ons beroep verworpen. Lees de uitspraak hier. Onze reactie op de uitspraak staat hier.

Hieronder vind je de juridische stukken, bijlagen en aanvullende stukken.

In 2013 heeft kerncentrale Borssele definitieve toestemming verkregen om tot 2034 in bedrijf te zijn. Een van de consequenties daarvan is dat de capaciteit van de tijdelijke opslag van hoogradioactief afval bij de Covra uitgebreid moet worden. In februari 2014 werd de aanvraag tot wijziging van de vergunning van de Covra gepubliceerd en in september 2014 was er een ontwerpvergunning van minister Kamp (EZ). Laka tekende bezwaar aan en 54 mensen dienden via de website van Laka een (standaard-)zienswijze in. In januari 2015 werd de vergunning definitief verleend, waarna Laka in beroep ging bij de Raad van State. Vijfendertig personen hebben Laka gemachtigd voor hen ook beroep aan te tekenen.

Uitbreiding 'tijdelijke opslag' radioactief afval zonder eindberging?

Zoals we al in een brief aan minister Kamp in december 2013 hebben gesteld is uitbreiding van tijdelijke opslag van hoogradioactief afval bij de Covra onverantwoord zolang er geen (zicht op) een eindberging is. Uitbreiding van interimopslag van kernafval is het vergroten van een probleem zonder dat een definitieve oplossing daarmee dichterbij komt.

Procedure Raad van State

Dit is de in januari 2015 definitieve beschikking waartegen we in beroep gaan:
Kernenergiewetvergunning verleend aan COVRA NV ten behoeve van de uitbreiding HABOG, wijziging locatie VOG2 en revisie Kernenergiewetvergunning van Covra NV; Ministerie van Economische Zaken, 7 januari 2015

Het beroepschrift van Stichting Laka

Laka heeft ernstige bedenkingen bij de uitbreiding van de opslag van radioactief afval bij de Covra en diende daarom op 26 februari 2015 bij de Raad van State beroep in.

In reactie op het verweer van het Ministerie en nader onderzoek van Laka heeft Laka een pleitnotitie geschreven voor de zitting van 8 september.

Pleitnota

Bij het door Laka ingediende beroepschrift en de pleitnota van 8 september 2015 horen een serie bijlages en aanvullende stukken. Deze zijn hier (deels) digitaal beschikbaar.

De documenten zijn, waar verwezen wordt naar individuele personen, online geanonimiseerd.

Zes bijlagen bij het beroepschrift d.d. 26 februari 2015:

  • Bijlage 1: Kopie van de doorlopende tekst van de statuten van Stichting Laka, gevestigd te Amsterdam. Akte de dato 18 juli 2014.
  • Bijlage 2: 34 machtigingen, waarvan één van twee personen.
  • Bijlage 3: Kennisgeving Kernenergie Definitieve beschikking op de aanvraag tot uitbreiding HABOG, wijziging locatie VOG2 en revisie Kernenergiewetvergunning van COVRA, 7 januari 2015
  • Bijlage 4: Zienswijze ontwerpbeschikking/MER uitbreiding Covra, Laka, 3 november 2014
  • Bijlage 5: Aanvullende zienswijze ontwerpbeschikking uitbreiding Covra, Laka, 17 december 2014
  • Bijlage 6: Voetnoot 3 (Page 5) in Research plan OPERA, 21 juni 2011: “Beside
    safety-related information, the Safety Case reports often also contain other information, like cost, resources, timing etc.”

Aanvullende stukken

  • Aanvullend stuk 1: Beslissing op verzoek tot handhaving vergunningsvoorwaarde EPZ
    In dit namens de Minister van Economische zaken genomen besluit wordt in een vergelijkbare zaak en aan de hand van haar actuele statuten Stichting Laka als belanghebbend beschouwd.
  • Aanvullend stuk 2: Afschrift zienswijze van appellant 2
    Een afschrift van de zienswijze welke op 24 november 2014 om 11:09 AM per e-mail is verstuurd door appellant 2 via de website van Laka.
  • Aanvullend stuk 3: Kennisgeving Kernenergiewet
    Vanwege een procedurele omissie lag de ontwerpbeschikking van COVRA opnieuw ter inzage van 13 november 2014 tot en met 24 december 2014. Gedurende deze periode kon eenieder zienswijzen tegen de ontwerpbeschikking indienen.
  • Aanvullend stuk 4: "Zorg over transport A15", Algemeen Dagblad, 6 augustus 2015
  • Aanvullend stuk 5: 'Rapport risicoberekening transport per spoor van KCB splijtstofelementen'
    Stichting Greenpeace heeft op 9 juli 2009 dit rapport ge-WOBt. Het gevraagde rapport is openbaar gemaakt, met uitzondering van passages uit paragraaf 2.4. Gegevens route.
  • Aanvullend stuk 6: Presentatie Responsible and Safe Management of Spent Fuel and Radioactive Waste in the European Union, gehouden door Mw. Blohm-Hieber, (voormalig) hoofd eenheid 'safe back-end of the nuclear fuel cycle, governance, transport & innovation' van het Directoraat-generaal Energie van de Europese Commissie, gehouden tijdens de 'International Workshop on High-level Radioactive Waste and Spent Fuel Management: Storage and Disposal', georganiseerd door het International Atoomenergie Agentschap (IAEA) te Stockholm (Zweden) van 29 november tot 1 december 2011.
    In deze presentatie ligt Mw Blohm-Hieber de dan recent aangenomen richtlijn 2011/70/EURATOM van de Raad tot vaststelling van een communautair kader voor een verantwoord en veilig beheer van verbruikte splijtstof en radioactief afval toe.Op dia 4 wordt als illustratie van een interim storage, een afbeelding van de HABOG van de Covra getoond. De portee van de richtlijn is, volgens Mw. Blohm-Hieber, om een eind te maken aan Wait-and-see policies (dia 19). Mw. Blohm-Hieber zet uiteen dat de richtlijn verder gaat dan het vaststellen van een kader voor de veiligheid; lidstaten worden verplicht om tastbaar vooruitgang te boeken op weg naar een geologische eindberging (dia 14).
  • Aanvullend stuk 7: Meerjarenplan OPERA (OPERA-PG-COV002)
    Op pagina 6 staat een schema over de mogelijke stapsgewijze besluitvorming over eindberging voor het Nederlands afval in de veronderstelling dat opslag na 100 jaar niet zal worden voorgezet en een locatie voor een nationale eindberging in Nederland wordt gezocht.
  • Aanvullend stuk 8: Duitsland: Nationaal programma eindberging radioactief afval, H. Damveld, Laka Kernenergienieuws, 13 augustus 2015
    Hier wordt in grote lijnen het Duitse Nationaal programma eindberging besproken, alsmede de termijn waarbinnen men acht dat de Duitse eindberging voor laag-, midden- en hoogradioactief afval operationeel zal zijn.
  • Aanvullend stuk 9: Uitwerking televisiereportages Stralend afval en Lopende zaken
    Zembla: Stralend afval (1998) en Lopende zaken: De zoutoplossing (2000)Deze twee reportages geven een algemeen beeld van de moeite die de besluitvorming rondom de opslag van kernafval heeft gekost.Hierin interviews met oa. H. Codée (toenmalig directeur Covra); Ir. B.P. Hageman (voorzitter Commissie Opberging Radioactief Afval, CORA); Drs. L. van de Vate (secretaris CORA); Prof. Dr. C.A.J. Vlek (Begeleidings Commissie van de studie Maatschappelijke en Ethische Aspecten van terughaalbare opslag van kernafval, CORA)Stichting Laka heeft in het kader van de beroepsprocedure de passages waarin de verwachte opslagtermijn bij de Covra aan de orde komt, uitgeschreven.De beide reportages zijn indertijd uitgezonden op TV en gearchiveerd door Stichting Laka. Ze zijn bij Stichting Laka te Amsterdam te bekijken (op afspraak). Daarnaast heeft Laka de uitzendingen in het kader van deze beroepsprocedures op Internet geplaatst. Verder zijn ze op te vragen bij het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid.Zembla: Stralend afval


    Lopende Zaken: De zoutoplossing

Overige stukken

  • RICHTLIJN 2011/70/EURATOM VAN DE RAAD tot vaststelling van een communautair kader voor een verantwoord en veilig beheer van verbruikte splijtstof en radioactief afval
  • Nota van toelichting Implementatie besluit 2011/70/EURATOM, 25 juni 2013
  • No. G05.89.1026 - uitspraak van de Afdeling voor de geschillen van bestuur van de Raad van State van 17 juli 1992. Overweging 16 e: Bij de beoordeling van de vraag of een inrichting mag worden opgericht dienen direct al de activiteiten die in deze inrichting zullen plaatsvinden in ogenschouw te worden genomen.