Publication Laka-library:
Verslag over het jaar 1981 (1982)
| Author | SEP |
| Date | April 1982 |
| Classification | 1.01.7.30/27 (UTILITIES - SEP/VEEN/VDEN) |
| Front |
|
From the publication:
Algemene beschouwingen Hoewel het merendeel van de elektriciteitsafnemers dit niet zal hebben beseft was 1981 het jaar waarin voor de elektriciteitsproduktie in Nederland een omslagpunt werd bereikt. Was het namelijk tot dit jaar nog mogelijk tegen redelijk aanvaardbare prijzen elektriciteit in ons land op te wekken, in 1981 ontstond een situatie waarin door het grote percentage olie en gas dat voor de opwekking in onze centrales wordt gebruikt en door de ongunstige prijsontwikkeling van deze brandstoffen geen opwekkosten meer konden worden bereikt welke concurrerend zijn met die in de ons omringende landen. Het verbruik daalde in vergelijking met 1980, in welk jaar voor het eerst een daling werd geconstateerd, wederom en wel met 0,4 %. Het jaar 1980 was echter een schrikkeljaar, zodat deze daling met ongeveer 0,3 % gecorrigeerd moet worden, waardoor een verlaging van het verbruik van 0,1 % resteerd. Daarom kan thans beter van een stabilisatie van het verbruik worden gesproken. De maximale belasting (9 330 MW) daalde in 1981 met 1 ,6 % ten opzichte van die van het voorafgaande jaar en trad op in december van dat jaar. In 1980 trad de maximale belasting, evenals in het jaar daarvoor, in de maand januari op. Opvallend was verder, dat de maximale belasting in het begin van 1982 met ± 70 MW steeg ten opzichte van die in 1981, maar dat deze nog ruim 80 MW onder het niveau van januari 1980 bleef. De discussie over de organisatiestructuur van de nutsvoorzieningen in Nederland werd voortgezet. In 1981 verschenen het eindrapport van de Commissie Concentratie Nutsbedrijven (CoCoNut) en het eerste regeringsstandpunt terzake, waaruit bleek dat in dit kader de grootste aandacht werd besteed aan de elektriciteitsproduktie. De vennootschap leverde principiële kritiek op het Coconut rapport; met name op die punten waar, door het toekennen van zwaarwegende bevoegdheden aan de centrale overheid, sprake is van een te sterke centralisatie. De hier bedoelde bevoegdheden gaan in de voorstellen van Coconut in een aantal gevallen veel verder dan het vaststellen van de hoofdlijnen van het beleid en betreffen soms zelfs beheersaspecten. Dit laatste is niet aanvaardbaar, indien de financiële consequenties van de uitoefening van deze bevoegdheden voor rekening van de productiebedrijven blijven.
This publication is only available at Laka on paper, not as pdf.
You can borrow the publication or request a copy. When we're available, this is possible for a small fee.