Publication Laka-library:
Electriciteitsplan 1993-2002 (1993)
| Author | SEP |
| Date | March 1993 |
| Classification | 1.01.7.10/35 (ELECTRICITY - PRICE / CAPACITY / CONSUMPTION) |
| Front |
|
From the publication:
Een efficiënter gebruik van energie 1.1 Inleiding De wenselijkheid van een efficiënt gebruik van energie en het realiseren van energiebesparing is al lange tijd één van de doelstellingen van het overheidsbeleid. Hiervoor bestaan diverse redenen. Niet alleen is dit van belang om zo lang mogelijk gebruik te kunnen maken van de eindige brandstofvoorraden en om de afhankelijkheid van leveranciers van deze brandstoffen beperkt te houden, maar ook om de milieubelasting die de verbranding van deze brandstoffen met zich mee brengt te beperken c.q. beperkt te houden. Zolang als wij voor onze energievoorziening (mede) van het gebruik van fossiele brandstoffen afhankelijk zijn, blijft het om bovenstaande redenen van belang om een efficiënt gebruik van energie na te streven. In de jaren zeventig en begin jaren tachtig vond energiebesparing vooral plaats uit een oogpunt van zuinigheid met energiegrondstoffen; een tendens geïnitieerd door het rapport van de Club van Rome en de 'oliecrises' van 1973 en 1979. Tevens droegen de hoge brandstofprijzen bij tot het streven zo weinig mogelijk energie te gebruiken. Door de prijsdaling in het midden van de jaren tachtig en het feit dat brandstofschaarste toch meer als een probleem voor de lange termijn werd gezien, verslapte de aandacht voor energiebesparing. Met het verschijnen van het rapport van de VN-commissie Brundtland werd de aandacht sterk gericht op het milieu, met name de CO2-problematiek. Hierdoor ontstond een nieuw motief voor het zuinig omgaan met energie; immers minder (fossiel) energiegebruik betekent minder CO2-emissie. Als eerste prioriteit in het energiebeleid is bewust en efficiënt gebruik van energie opgenomen. Onder meer wordt hierbij gedacht aan elektriciteitsbesparing. Ook Sep heeft op het rapport van de commissie Brundtland in eerste instantie gereageerd door in het Elektriciteitsplan 1989-1998 uit te gaan van in de toekomst optredende extra besparing op het elektriciteitsgebruik. In het Elektriciteitspion 1991-2000 is dit opnieuw meegenomen, naast de intentie meer aandacht te geven aan restwarmtebenutting. De praktijk is echter dat het elektriciteitsverbruik sneller blijft toenemen dan in de prognoses van de voorgaande elektriciteitsplannen was aangenomen. Ten dele wordt dit verklaard doordat ook Sep in deze prognoses uitging van uitgangspunten die te optimistisch waren met betrekking tot toepassing van elektriciteitsbesparing in de praktijk. Er zijn echter ook andere redenen aan te geven. Het blijkt dat energiebesparing vaak gepaard gaat met het gebruik van meer elektriciteit. Bij de beantwoording van Tweede Kamervragen over het Elektriciteitsplan 1991-2000 zijn hiervan ook verschillende voorbeelden gegeven.
This publication is only available at Laka on paper, not as pdf.
You can borrow the publication or request a copy. When we're available, this is possible for a small fee.