Publicatie Laka-bibliotheek:
Vergelijking van verschillende opties voor beheer op lange termijn van laagactief en kortlevend afval. Aspecten veiligheid en kostprijsverschillen (1997)
| Auteur | NIRAS |
| Datum | juni 1997 |
| Classificatie | 2.03.4.10/03 (BELGIË - AFVAL) |
| Voorkant |
|
Uit de publicatie:
1. Inleiding 1.1 De historische context De overheid, de bedrijven die radioactief afval produceren en de organisaties belast met het beheer ervan, hebben dit afval altijd een zo veilig mogelijke definitieve bestemming willen geven. Dat blijkt uit de besluiten en aanbevelingen van diverse werkgroepen en officiële commissies die zich al ongeveer twintig jaar met het probleem bezighouden, zoals het "Rapport der Wijzen" (Commissie van Beraad inzake Kernenergie 1976), "Elementen voor een nieuw Energiebeleid" (1978), "De nucleaire electriciteitsproductie na het ongeval van Tsjernobil" (1987) en de besluiten van de Commissie voor Informatie en Onderzoek inzake Nucleaire Veiligheid (1991). Met de oprichting van NIRAS in 1980 en de beschrijving van haar opdrachten in de opeenvolgende teksten in bijlage 1 heeft de wetgever deze permanente bekommernis een oplossing willen geven. Hiermee liep hij vooruit op de algemene veiligheidsprincipes die onlangs werden aanbevolen door de IAEA en die aan bod komen in het begin van hoofdstuk 5 van de onderhavige studie. België was een van de eerste landen die betrokken raakten in nucleaire activiteiten voor vreedzame doeleinden, met de productie van radium voor medisch gebruik in defabriek van MHO in Olen, lang voor de Tweede Wereldoorlog. Na de oorlog begon ons land met een grootschalig programma voor de ontwikkeling van civiele toepassingen van kernenergie. Dit programma begon in de jaren vijftig met de exploitatie van onderzoekslaboratoria en proefinstallaties van de kernbrandstofcyclus in de streek van Mol/Desset (SCK•CEN, EUROCHEMIC, CBNM) en later met die van het IRE in Fleurus voor de productie van radio-elementen. Ten slotte hebben de elektriciteitsproducenten tussen 1975 en 1985 in Doel en Tihange een kernreactorpark gebouwd dat in 1996 instond voor meer dan de helft van de elektriciteitsvoorziening van het land. Al deze activiteiten hebben verschillende types radioactief afval voortgebracht en doen dat nog steeds. Dit afval wordt opgedeeld in drie categorieën naargelang de hoeveelheid en de aard van de radionucliden die het bevat: laag- en middelactief afval met korte halveringstijd (categorie A), laag- en middelactief afval met lange halveringstijd (categorie B), en ten slotte hoog- of zeer hoogactief afval waarvan een deel warmte produceert over periodes die zich kunnen uitstrekken tot verschillende honderden jaren (categorie C). Hoofdstuk 2 bevat een beschrijving van deze verschillende categorieën afval, zowel op basis van hun radioactieve inhoud als van hun fysico-chemische kenmerken. Zoals reeds gezegd in het voorwoord is de onderhavige studie alleen gewijd aan het afval van categorie A dat veruit het grootste volume vertegenwoordigt.
Deze publicatie is alleen op papier bij Laka beschikbaar, niet als pdf.
Publicaties zijn te leen of informeer of we een kopie kunnen maken. Soms, als we tijd hebben, lukt dat tegen kostprijs van de kopieën.