Publicatie Laka-bibliotheek:
Prognoses 1982-1986 (1981)
| Auteur | IJsselcentrale |
| Datum | september 1981 |
| Classificatie | 1.01.7.32/04 (ELEKTRICITEIT - BEDRIJVEN - PGEM, IJSSELCENTRALE, EPON) |
| Voorkant |
|
Uit de publicatie:
PROGNOSE 1982 TOT EN MET 1986 1. INLEIDING De financiële prognose 1982 - 1986 wordt gekenmerkt door een aantal ontwikkelingen die in hoge mate bepalend zullen zijn voor het financieel- economisch beleid in de komende jaren. Deze ontwikkelingen zijn: - stabilisatie van het elektriciteitsverbruik op ongeveer het huidige niveau (accres 0,5 à 1 °/o); - afnemende investeringen in de distributiesector; - hogere afschrijvings- en rentelasten als gevolg van het in gebruik nemen van PE6; daarnaast speelt een verdere stijging van de marktrente; - de samenwerking in landelijk verband bij de inzet van produktie-eenheden; - tariefaanpassingen met een tweeledig en tegengesteld karakter: extra stijging van de vaste componenten en daling van de brandstoffactor; - participatie in stadsverwarmingsprojecten, waardoor de investeringen in die sector zullen toenemen. Ten opzichte van de vorige prognose kan worden gesteld dat de resultaatschatting over 1981 een iets gunstiger beeld vertoont dan vorig jaar werd verwacht. Het netto-resultaat wordt nu geschat op -/- f. 7.4 miljoen en was vorig jaar opgenomen voor -/- f. 10,2 miljoen. Ondanks de geringere groei van het verbruik, hetgeen tot een verdere resultaatverslechtering zou moeten leiden, wordt een gunstiger resultaat verwacht. Dit als gevolg van een iets gunstiger rendement van de eigen opwekking en de uitwisseling binnen S.E.P.-verband, een lager bedrag aan afschrijvingen als gevolg van geringere investeringen in 1980 en 1981 en de geringere rentelasten omdat de omvang van de aan te trekken externe middelen daardoor ook achterbleef bij de opgave in de vorige prognose. Dit beeld van de afgelopen jaren en de geschetste globale ontwikkelingen in de komende jaren monden uit in een resultatenontwikkeling met forse verliezen. Deze verliezen lopen op tot ongeveer f. 45,- miljoen in 1986. Deze uitkomsten zijn gebaseerd op een jaarlijkse tariefverhoging van 3 % (tabel 1 t/m 3) en een verlaging van de brandstoffactor van 0,2 MJ/kWh in 1982 en een verwachte verdere verlaging van 0,4 MJ/kWh in 1983. In tabel 4 tot en met 6 is de prognose cijfermatig weergegeven, welke conform het beleid van IJ.C. gericht is op een kostendekkend resultaat in de jaren 1985/1986. Om dat te bereiken is een extra tariefverhoging van vaste componenten van 10 % in 1983 nodig. Door de eerdergenoemde verlaging van de brandstoffactor zal de totale verhoging voor de verbruiker echter aanzienlijk geringer zijn (zie paragraaf 6). In paragraaf 2 wordt een opsomming gegeven van de gehanteerde uitgangspunten en in paragraaf 3 wordt aandacht besteed aan de ontwikkeling van het verwachte elektriciteitsverbruik en de factoren, welke invloed uitoefenen op het rendement van de centrales. Paragraaf 4 behandelt de hoofdzaken ten aanzien van de investeringen in de komende jaren. De paragrafen 5 en 6 zijn een toelichting op de belangrijkste uitkomsten van de prognose en het te voeren financieel-economische beleid. Ten slotte komen in paragraaf 7 aan de orde, de globale gevolgen ten aanzien van de financiering en vermogensstructuur als gevolg van de deelneming in de stadsverwarmingsprojecten Enschede en Almelo.
Deze publicatie is alleen op papier bij Laka beschikbaar, niet als pdf.
Publicaties zijn te leen of informeer of we een kopie kunnen maken. Soms, als we tijd hebben, lukt dat tegen kostprijs van de kopieën.