Publicatie Laka-bibliotheek:
Rapport van de Interdepartementale werkgroep belast met het onderzoek ’de zaak Khan’

AuteurWerkgroep onderzoek zaak-Khan
4-02-7-10-02.pdf
Datumoktober 1979
Classificatie 4.02.7.10/02 (PAKISTAN - KHAN & NETWERK)
Voorkant

Uit de publicatie:




 Hoofdstuk 1: Inleiding
   Op 28 maart j.l. werd in een uitzending van het Zweites
   Deutsches Fernsehen medegedeeld dat Pakistan toegang had weten
   te krijgen tot de Troika-UC-technologie via Dr.Ir. A.Q. Khan,
   die van 1972-1975 in Nederland betrokken was bij De-werk.
   Op grond van deze mededeling werd onmiddellijk gestart met
   een nader onderzoek, dat werd geïntensiveerd toen begin juni
   uit het buitenland werd vernomen, dat in Pakistan centrifuges
   zouden werken, die identiek zouden zijn aan Nederlandse
   centrifuges voor uraniumverrijking van het eerste uur. De
  werkgroep, die totstand Kwam             tegelijk met de intensivering
   van het onderzoek, heeft zich vervolgens tot taak gesteld om:
     Khan's activiteiten in Nederlanc:. nader te bezien;
   - na te gaan oi vanuit Nederland ~aterialen zijn toegeleverd
     aan Pakistan, in strijd met terza~e geldende uitvoer-
     bepali::1gen;
     de vraag te bestuderen of en in noeverre besta&lde veilig-



     beter kUIme.'l. worden nageleefd en
                                    controle daarop kan v.. .o rden verbete:
   - nader te evalueren of er nog andere maatregelen nodig
     zouden zijn om ongewenste kennisover~racht te voorkomen.


-Kob:fastuk 2: Kort overzicht-van ehkelt: belangrijke gebeurtenissE
              ~ over de ontWikkelina van een Fakistaans Ue-project
  De berichtgeving, dat Pakistan met gebruikmaking van een
  eigen uraniumverrijkingsproject, gestoeld op kennis van het
  Ue-procédé van de Troikalanden, niet vreedzame doeleinden
   zou nastreven, heeft zowel in het buitenland als in ons land
  geleid tot grote opschudding.
  Niet alleen in het buurland van Pakistan, India, ont:::tond
  ongerustheid: ook Israël voelde zich, blijkens de inhoud van
  de brief van 17 mei j.l. aan onze Minister-President direct
  in zijn bestaan bedreigd, gezien de naar zijn mening bestaandE
  nauwe relaties tussen Pakistan en enkele meer radicale
   landen/groepen in het Midden-Oosten. Verder hebben onze



                                                           GEHEIM