Tritiumlek: NRG faalt; minister weigert handhaving


In de omgeving van de Hoge Flux Reactor in Petten is onrust ontstaan door de verhoging van de toegestane tritium-verontreiniging. Afgelopen week verhoogde de nucleaire toezichthouder ANVS de toegestane waarde van de verontreiniging van 100 Becquerel per liter tot 5000 Bq/l, vijftig keer zo hoog dus. De minister stelde in maart 2014 dat als de afgesproken saneringsnorm op de terreingrens of buiten het terrein overschreden wordt "[zal] NRG haar plan van aanpak moeten aanpassen, zodat wel aan de norm van 100 Bq/l voldaan wordt." Maar als NRG vervolgens faalt, worden de normen gewoon verhoogd en gelden eerdere afspraken blijkbaar niet meer. En dat terwijl NRG zelf die 100 Bq/l saneringsnorm had voorgesteld.

Er zijn een paar vragen die ondersneeuwen. De eerste vraag die niet gesteld wordt: waarom was de limiet eigenlijk 100 Bq/l en op wiens verzoek? Uit het 'Besluit interventie op grond van art. 119 Besluit stralingsbescherming' van de Minister van Economische zaken van 3 maart 2014 blijkt dat het verzoek van 100 Bq/l kwam op verzoek van NRG zelf: "NRG heeft in haar plan van aanpak van 19 oktober 2012 voorgesteld om te saneren tot 100 Bq/l." En de verantwoordelijke minister vervolgd: "Deze norm is afgeleid van richtlijn 98/83/EG, betreffende de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water." Dus die interventienorm was geen toeval of zomaar een slag in de lucht; daar was over nagedacht. Óp het terrein werd die norm zelfs door de minister zelf verhoogd tot 400 Bq/l omdat bij een norm van 100 Bq/l enorme hoeveelheden grondwater opgepompt moeten worden en dat dat "niet wenselijk is vanuit het oogpunt van de grondwaterstand en vanwege mogelijk negatieve effecten op een nabij gelegen Natura-2000 gebied". Dus een weloverwogen besluit. De minister stelde zelfs duidelijk: "Indien de saneringsnorm van 100 Bq/l op de terreingrens van de OLP of daarbuiten overschreden wordt, zal NRG haar plan van aanpak moeten aanpassen, zodat wel aan de norm van 100 Bq/l voldaan wordt." Niets zo veranderlijk als interventiewaarden blijkbaar.

Het nu verhogen van toegestane normen is wel een heel bijzondere invulling van het begrip ALARA (As Low As Reasonably Achievable). ALARA is een leidend begrip in de Kernenergiewet. Deze nieuwe norm lijkt toch vooral ingegeven door praktische problemen bij het opruimen van de verontreiniging en het tegemoet komen aan de vervuiler, in plaats van aan de eis dat het zo laag wordt als redelijkerwijs mogelijk is. En dat is een principieel punt: de vervuiler is niet in staat de verontreiniging ‘binnen de perken’ te houden en dus worden ‘de perken’ aangepast.

En de belangrijkste constatering wordt niet gemaakt: ook in dit dossier faalt en blundert NRG van alle kanten. Het tritium-lek is al ernstig genoeg, maar vervolgens volgt totale onderschatting van de ernst van het probleem –wat dat betreft is het RIVM-rapport onthullend, veel onthullender dan alle brieven van de minister bij elkaar: NRG heeft het tritium-lek en de hoeveelheid gelekt tritium compleet fout ingeschat. En nog steeds is er onduidelijkheid over die totale hoeveelheid. NRG schatte in 2012 de hoeveelheid weggelekte tritium op 6 GBq (6 GigaBecquerel – 6.000.000.000 Becquerel), uitgaande van een geschatte lekperiode van 12 jaar. Die hoeveelheid blijkt echter een veel te lage schatting, omdat in juni 2016 al 36,4 GBq is opgepompt! RIVM komt met een “indicatieve boven schatting van 20-25 GBq voor de medio 2016 resterende besmetting”. In het slechtste geval 10 keer zo veel dan NRG berekende “op basis van het in 2012 gemeten lektempo”, maar RIVM stelt dat ook die cijfers onzeker zijn: “[O]ok de nog resterende besmetting is daarmee onzeker”.

Natuurlijk is het saneren van een tritium-verontreiniging een probleem. Maar dat heb je met radioactieve stoffen en als NRG het te moeilijk vindt om daar mee om te gaan – en daar wijst ook het dossier historisch afval op- moet men zich daar dan ook verre van houden…

De langverwachte ‘scan van het nucleaire landschap’ van het Kabinet wordt voor NRG wel spannend; want hoelang heeft de overheid nog vertrouwen in een bedrijf dat zodra het een beetje ingewikkeld wordt, op alle fronten faalt?

Bezwaar maken tegen Kennisgeving Kernenergiewet van de hogere interventienorm kan nog tot en met 14 juni schriftelijk bij de directie Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming, ter attentie van de Hoofddirectie Bestuurlijke en Juridische Zaken van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu, afdeling Algemeen Bestuurlijk-Juridische Zaken, Postbus 20901, 2500 EX Den Haag.