Laka: vernietig vergunning kerncentrale Borssele

Stichting Laka vraagt 9 oktober aan de Raad van State een voorlopige voorziening in het beroep tegen de levensduurverlenging van de kerncentrale Borssele. Omdat niet is aangetoond dat kerncentrale Borssele de komende twintig jaar zonder grote ongevallen kan functioneren, vraagt Laka de Raad van State om voor het verlopen van de originele veiligheidsanalyse van de centrale de vergunning voor de levensduurverlenging te vernietigen. Als de Raad van State het verzoek van Laka inwilligt moet kerncentrale Borssele op 12 oktober 2013 worden stilgelegd.

Op 12 oktober 2013, precies 40 jaar nadat Kerncentrale Borssele (KCB) aan het elektriciteitsnet is gekoppeld, verloopt een aantal van de originele veiligheidsanalyses die zijn vastgelegd in de 6e revisie van het Veiligheidsrapport behorend bij de vergunning van EPZ voor het in werking hebben van KCB. Laka (en anderen) zijn in beroep gegaan bij de Raad van State tegen de wijziging van dit Veiligheidsrapport omdat (onder andere) niet is aangetoond dat KCB de komende twintig jaar zonder grote ongevallen kan functioneren.

"We begrijpen dat wanneer besloten wordt dat de kerncentrale in oktober dicht moet, dat even slikken zal zijn voor de werknemers van de kerncentrale. Maar het is bij een kerncentrale beslist niet zo dat iedereen werkloos thuis zit na een sluiting. In een stillegde kerncentrale is namelijk heel veel werk. Behalve dat, vinden we natuurlijk dat veiligheid voor werkgelegenheid dient te gaan. Dit is in het belang van Zeeland in het algemeen en voor de werknemers en hun naasten in het bijzonder", aldus Dirk Bannink van Laka.

Concreet baart Laka vooral de onduidelijke situatie rondom vermoeiing van de veertig jaar oude stalen componenten in het KCB reactorsysteem zorgen. EPZ, de eigenaar van KCB, stelt dat vermoeiing geen gevaar oplevert bij de levensduurverlenging. De analyse die men voor deze stelling gebruikt is echter gebaseerd op aannames. Als gevolg van vermoeiing kunnen zware stalen componenten na verloop van tijd bezwijken. Laka meent dat de analyse van EPZ onvoldoende zekerheid biedt dat de gevolgen van vermoeiing in het KCB reactorsysteem tijdens de levensduurverlenging beheersbaar zullen blijven[1].

Laka heeft op 2 mei beroep ingesteld en heeft de voorlopige voorziening aangevraagd toen ze vermoedde dat de definitieve uitspraak pas na 12 oktober zou komen. Ondertussen is bekend dat de bodemprocedure op 7 november bij de Raad van State voor komt.

Met het oog op het voorzorgsprincipe is het risico dat gepaard gaat met het in werking houden van KCB na het verlopen van de originele veiligheidsanalyse onaanvaardbaar groot. Laka is daarom van mening dat er een situatie van onverwijlde spoed bestaat om vooruitlopend op een definitieve uitspraak, of in ieder geval voor 12 oktober 2013, de Raad van State te vragen om de vergunning van EPZ voor het in werking hebben van KCB te schorsen of te vernietigen.

Ter informatie:
Laka wordt bij het voeren van de procedure bij de Raad van State financieel ondersteunt door middel van crowdfunding. Tot nu toe hebben ongeveer vijftig personen bijgedragen aan de meer dan 600 euro aan leges die voor de procedure moeten worden betaald. Belangstellenden kunnen Laka nog steeds ondersteunen via www.laka.org

De voorlopige voorziening wordt behandeld op 9 oktober 2013, om 10:00 uur, bij de Raad van State aan de Kneuterdijk 22 in Den Haag.

NOOT: [1] Zie hoofdstuk 4 van het beroepschrift van Stichting Laka voor een uitgebreide bespreking van de zorgen mbt. vermoeiing in KCB op https://www.laka.org/KCB2034.html